Deel deze oorkonde

Korte samenvatting

Gerard van Nassau, aartsdiaken van Luik en proost van het Onze-Lieve-Vrouwekapittel te Maastricht, stemt in met de oorkonde van Hendrik (III van Gelre), bisschop van Luik, d.d. 1273 september, hecht zijn goedkeuring aan elke regeling van deken en kapittel inzake de toekenning van de prebenden en gaat akkoord met de bepalingen, uitgevaardigd door Hugo (van Saint-Cher), kardinaal(-priester van Sint-Sabina te Rome) en pauselijk legaat in de Duitse landen, én door Godfried, deken van het Sint-Servaaskapittel te Maastricht, samen met magister Reinier, scholaster van Tongeren, die hernieuwd zijn door magister Jan, deken van het Onze-Lieve-Vrouwekapittel te Maastricht, d.d. (vóór september 1273). Tevens vertrouwt hij de inrichting en verhuur van het proosdijhuis toe aan deken en kapittel en legt opnieuw vast dat zij met instemming van de bisschop van Luik jaarlijks twintig mark Luiks aan de proost uitkeren.

Latijnse tekst van de oorkonde

Gerardusa de Nashowe, Dei gratia archidiaconus Leodiensis ac prepositus ecclesie Beate Marie Traiectensis, Leodiensis diocesis, universis presentia visuris cognoscere veritatem.

Universitati vestre innotescat quod privilegium venerabilis patris nostri domini Henrici, Leodiensis episcopi, indultum et concessum ab eodem dilectis in Christo .. decano et capitulo ecclesie Sancte Marie supradicte, cuius preposituram nunc tenemus, propter causas necessarias super certis articulis in eodem comprehensis, quod sic incipit: ‘Noverit universitas vestra quod adb nos accedentes viri venerabiles decanus et capitulum Beate Marie in Traiecto’, et infra, de nostra voluntate et procuratione extitit impetratum. Et nos adhibita diligenti ac studiosa prudentum examinacione singula et universa in ipso contenta approbamus et inviolabiliter nos conservaturos promittimus bona fide, adicientes declarando quod nos ordinacionem seu ordinaciones quam vel quas idem decanus et capitulum super distribucionibus prebendarum suarum fecerint vel fecerunt, gratas habemus et ratas nec eas ullo umquam tempore per nos vel per alios procurabimus infirmari. Item constituciones seu ordinaciones viri venerabilis et discreti domini Hugonis, cardinalis bone memorie, tunc temporis in Alimannia legacionis officio fungentis, necnon ordinaciones et precepta discretorum virorum domini Godefridi, quondam decani Sancti Seruatii, et magistri Reneri, Tungrensis scolastici, olim in ecclesia nostra predicta officium visitationis auctoritate ordinaria excercentiumc, innovatas et innovata per virum discretum magistrum Iohannem, supradicte ecclesie nostre decanum, sigillo capituli antedicti ac etiam ipsius decani signatas vel signata, ex habundanti quantum in nobis est approbamus et consensum nostrum super ipsis firmiter adhibemus. Insuper disposicionem domus nostre prepositure et locacionem prenotatis decano et capitulo committimus in hunc modum ut videlicet ipsi decanus et capitulum integritati et conservacioni dicte domus exspensisd suis intendere teneantur cum effectu et eandem alicui viro honeste conversacionis inhabitandam committere, hoc adiecto quod nobis veniendo et recedendo in eandem liber pateat introitus et exitus condecenter. Nos etiam decanus et capitulum antedicti tenore presentium profitemur quod accedente ad hoc auctoritate et consensu reverendi patris nostri domini Henrici, Leodiensis episcopi, nos viro venerabili domino Gerardo de Nashowe, preposito nostro, suisque successoribus in perpetuum, sicut expressum est alias, pro reditibus prepositure sue quolibet anno viginti marcas monete Leodiensis, viginti solidis pro marca computatis, duobus terminis persolvemus, in festo videlicet Omnium Sanctorum decem marcas et residuas decem in Pascate subsequenti.

In cuius rei testimonium nos, prepositus, decanus et capitulum antedicti, presentem paginam sigillorum nostrorum munimine decrevimus roborandam.

Datum et actum in capitulo nostro, anno Domini millesimo CCmo LXXmo tercio, mense decembrie.

a vergrote initiaal A.

b a tussengevoegd door schrijfhand A.

c aldus A, lees exercentium.

d aldus A, lees expensis.

e hierna sluitingsteken A.

Nederlandse vertaling

Gerard van Nassau, aartsdiaken van Luik en proost van de Onze-Lieve-Vrouwekerk te Maastricht, maakt bekend dat hij door zijn wil en machtiging een oorkonde heeft verkregen van Hendrik, bisschop van Luik, die deze had verleend aan deken en kapittel van de Onze-Lieve-Vrouwekerk, waarvan hij nu de proosdij heeft, omwille van noodzakelijke aangelegenheden inzake zekere bepalingen die daar in staan, beginnend met: ‘Het zij allen bekend dat de eerbiedwaardige mannen, deken en kapittel van Onze-Lieve-Vrouw te Maastricht, naar ons toekomend’, en verder. Gerard keurt na nauwkeurig en zorgvuldig onderzoek van verstandige mannen alles goed in deze oorkonde en belooft dit ongeschonden te bewaren, daaraan toevoegend dat hij zijn goedkeuring hecht aan iedere regeling die deken en kapittel over de toekenning van hun prebenden zullen treffen of hebben getroffen, en dat hij deze nooit zelf of door anderen ongedaan zal laten maken. Verder keurt hij goed en stemt overvloedig in met de regelingen en bepalingen van wijlen Hugo, kardinaal en toentertijd legaat in de Duitse landen, en de regelingen en voorschriften van wijlen Godfried, deken van Sint-Servaas, en magister Reinier, scholaster van Tongeren, die voorheen in de Onze-Lieve-Vrouwekerk het visitatierecht uitoefenden volgens de gebruikelijke bevoegdheid, welke regelingen vernieuwd zijn door magister Jan, deken van de Onze-Lieve-Vrouwekerk, en bezegeld door kapittel en deken. Bovendien vertrouwt hij de inrichting en verhuur van het proosdijhuis toe aan deken en kapittel op een dusdanige wijze dat zij gehouden zijn om het geheel en de instandhouding van dat huis op hun eigen kosten daadwerkelijk te onderhouden en het ter bewoning toe te vertrouwen aan iemand van goed gedrag, met de bepaling dat de vrijelijke in- en uitgang tot dat huis op passende wijze aan de proost is toegestaan. Deken en kapittel beloven dat zij, met goedkeuring van Hendrik, bisschop van Luik, aan Gerard van Nassau, hun proost, en zijn opvolgers voor eeuwig, zoals elders uitdrukkelijk is gesteld, voor de inkomsten van zijn proosdij ieder jaar twintig mark Luiks, te rekenen twintig schelling voor één mark, zullen betalen in twee termijnen, namelijk tien mark op 1 november en de overige op Pasen daaropvolgend.

Proost, deken en kapittel hebben bezegeld.

Gegeven en gedaan in het Onze-Lieve-Vrouwekapittel, in december 1273.

Genoemde personen
No items found.
Genoemde locaties
No items found.
Uitgave
Onderstaande tekst zal niet worden vertaald bij het kiezen van een andere taal
Deel deze oorkonde

partners

donateurs

familie Beijer
© 2025 WaarvanAkte.eu, een initiatief van Stichting Limburgse Oorkonden
Gemaakt door Hive Collective