Korte samenvatting
Gerard van Nassau, aartsdiaken van Luik en proost van het Onze-Lieve-Vrouwekapittel te Maastricht, enerzijds en magister Jan, deken, en het kapittel van Onze-Lieve-Vrouw anderzijds onderwerpen zich in hun geschil over het benoemingsrecht van de scholaster aan het oordeel van Jan en van Herman, beheerder van de financiën van het Sint-Servaaskapittel te Maastricht.
Latijnse tekst van de oorkonde
Gerardus de Nassov, Dei gratia archidiaconus Leodiensis, prepositus ecclesie Sancte Marie in Traiecto Superiori, et magister Iohannes, decanus, totumque .. capitulum eiusdem ecclesie Sancte Marie Traiectensis universis presens scriptum visuris salutem et cognoscere veritatem.
Universitati vestre notum fieri volumus per presentes quod cum inter nos, prepositum predictum, ex parte una et nos, .. decanum et .. capitulum supradictos, ex altera quedam ordinatio intervenisset et eadem scripta ac sigillata fuisset sigillo quondam reverendi patris domini Henrici, tunc Leodiensis episcopi, et super eadem nunc inter nos orta sit materia questionis super collatione videlicet scolastrie in ecclesia nostra, vacantis ex morte Gerardi, quondam ecclesie nostre scolastici, placuit nobis et in hoc hincinde consensimus et consentimus quod super scripto ordinationis predicte iurisperiti consulantur per virum venerabilem magistrum Iohanne[m, de]canum nostrum, quem nos capitulum, et virum discretum Hermannum, canonicum et camerarium Sancti Seruatii Traiectensis, quem nos, prepositus predictus, ad hoc ordinavimus et ordinamus, promittentes nos servaturos bona fide quicquid predicti .. decanus et camerarius circa collationem scolastrie predicte ex consilio iurisperitorum nobis reportaverint. Et si secus contingeret, promittimus per presentes altera pars alteri, videlicet dictum predictorum non servans servanti, centum libras Leodiensis monete nomine pene nos soluturos. Volumus etiam et in hoc hincinde consensimus et consentimus quod parti que non servaverit quod decanus et camerarius reportabunt super collatione scolastrie predicte, extunc perpetuum silentium sit impositum ipso facto.
In cuius rei testimonium presens scriptum nos, prepositus, et nos, decanus et capitulum ecclesie nostre, sigillis fecimus communiri.
Datum anno Domini Mo CCo LXXo quintoa.
a vanaf CCo tot en met slotwoord onder pliek A, na quinto sluitingsteken.
Nederlandse vertaling
Gerard van Nassau, aartsdiaken van Luik, proost van de Onze-Lieve-Vrouwekerk te Maastricht, en magister Jan, deken, en het kapittel maken bekend dat een geschil is ontstaan tussen enerzijds de proost en anderzijds deken en kapittel over een bepaalde schriftelijke regeling, bezegeld door wijlen Hendrik, bisschop van Luik, inzake het benoemingsrecht van de scholaster in de Onze-Lieve-Vrouwekerk, welk ambt is opengevallen door de dood van Gerard, scholaster van deze kerk. Partijen hebben ermee ingestemd dat rechtsgeleerden worden geraadpleegd over dat geschrift met die regeling door magister Jan, deken, daartoe benoemd door het kapittel, en door Herman, kanunnik en beheerder van de financiën van Sint-Servaas te Maastricht, daartoe benoemd door de proost. Zij hebben beloofd te goeder trouw in acht te zullen nemen wat de deken en de beheerder van de financiën omtrent de benoeming van de scholaster uit die raadpleging van de rechtsgeleerden zullen rapporteren. En indien iets anders zou gebeuren, belooft de ene partij aan de andere, namelijk de partij die de uitspraak niet in acht neemt aan de partij die dat wel doet, honderd pond Luiks als boete te betalen. Zij stemmen er ook mee in dat aan de partij die niet in acht neemt wat de deken en de beheerder van de financiën zullen rapporteren over de benoeming, vanaf dat moment eeuwig het zwijgen wordt opgelegd.
Proost alsmede deken en kapittel hebben bezegeld.
Gegeven (tussen 12 april) 1275 (en 4 april 1276).
Nadere toelichting
Lees meerGerard van Nassau, aartsdiaken van Luik en proost van het Onze-Lieve-Vrouwekapittel te Maastricht, enerzijds en magister Jan, deken, en het kapittel van Onze-Lieve-Vrouw anderzijds onderwerpen zich in hun geschil over het benoemingsrecht van de scholaster aan het oordeel van Jan en van Herman, beheerder van de financiën van het Sint-Servaaskapittel te Maastricht.
Origineel
A. Maastricht, HCL, toegangsnr. 14.B001, archief Kapittel van Onze Lieve Vrouw te Maastricht, 1096-1796, inv. nr. 417a. Beschadigd met tekstverlies. Met een getransfigeerde oorkonde die de uitspraak van de scheidslieden bevat.
Aantekeningen op de achterzijde: 1o door 15e-eeuwse hand: De concordia facta inter capitulum et prepositum de conferenda scholastria. – 2o door 18e-eeuwse handen: De anno 1275; 1275.
Bezegeling: twee bevestigingsplaatsen, vermoedelijk voor de aangekondigde zegels van Gerard van Nassau, aartsdiaken van Luik en proost van het Onze-Lieve-Vrouwekapittel te Maastricht, en deken en kapittel van Onze-Lieve-Vrouw te Maastricht (LS1 en LS2).
Afschriften
B. 1767, Maastricht, HCL, toegangsnr. 14.B001, archief Kapittel van Onze Lieve Vrouw te Maastricht, 1096-1796, inv. nr. 32 (cartularium) = Registrum documentorum insignis ecclesia collegiata Beatae Mariae Virginis Traiecti ad Mosam, continens bullas pontificias, diplomata, fundationes, acquisitiones, transactiones et sententias praefatam ecclesiam concernentia. Tomus I ab anno 1096 usque 1599, collectum anno 1767, pag. 32, onder de rubriek: Anno 1275, sententia arbitralis contra praepositum, vi compromissi, pro libera electione scholastici, Stipale privilegiorum, fol. 243, door Nicolaas Vincent, kanunnik van het Onze-Lieve-Vrouwekapittel te Maastricht, gewaarmerkt door C. Frederix, openbaar notaris, naar A. – C. 18e eeuw, Ibidem, idem, inv. nr. 417, los afschrift, naar A.
Uitgave
a. Franquinet, Beredeneerde inventaris O.L.V. te Maastricht I, 39-40, nr. 21 (gedateerd 1275), naar A.
Regesten
Haas, Chronologische lijst, 70, nr. 176 (gedateerd 1275). – Idem, Inventaris Onze-Lieve-Vrouw, 118, nr. 417 (gedateerd 1275).
Datering
Het gebruik van de paasstijl in het bisdom Luik is verondersteld, zie Camps, ONB I, XXI, en Dillo en Van Synghel, ONB II, XVII.
Samenhang
Voor de regeling inzake het benoemingsrecht, uitgevaardigd door Hendrik III van Gelre, bisschop van Luik, d.d. 1273 september, zie hiervoor Collectie Onze-Lieve-Vrouwekapittel, nr. 24. Voor de uitspraak van de scheidslieden inzake het benoemingsrecht door Gerard van Nassau, d.d. (na 1275 (april 12 - 1276 april 4)), zie hierna Collectie Onze-Lieve-Vrouwekapittel, nr. 29.
Tekstuitgave
Het onderscheid tussen c en t is niet altijd goed zichtbaar. De lacunes zijn aangevuld naar B.
partners
donateurs











