Korte samenvatting
Schepenen van Maastricht oorkonden dat Jan Zegman, zijn vrouw en hun kinderen afstand hebben gedaan van een jaarlijkse cijns van twintig schelling Luiks, gevestigd op hun woonhuis (te Maastricht), ten behoeve van het altaar van de heilige Bartholomeus in de Onze-Lieve-Vrouwekerk te Maastricht.
Latijnse tekst van de oorkonde
Nosa Iohannes Sueuus, Renerus de Rolingen, Bruno et Lewalus de Lata Platea, scabini Traiectenses, protestamur quod coram nobis personaliter constitutus Iohannes dictus Zegman, uxor sua et eorundem pueri iure hereditario effestucaverunt et sollempniter renunciaverunt viginti solidos Leodiensis annui census ad opus altaris in honore sancti Bartholomei apostoli consecrati, siti in medio ecclesie Sancte Marie Traiectensis, deinceps sine aliqua requisicione accipienda vel tradenda, semper in quolibet anno accipiendos et habendos super domum eorundem quam inhabitant cum omnibus suis appendiciis, domum et portam retro eandem domum, sitam iuxta domum Olberti, filii Olberti, allutarii, talibus terminis videlicet pro una media parte ad Nativitatem beati Iohannis Baptiste et altera media parte ad Nativitatem Domini. Et tantum fecerunt quod per omnia satisfactum fuerat prefato altari tempore effestucationis. Varandiamb enim prestare et omnes iustas querelas deponere infra annum et diem et tantos denarios concedere per longitudinem tanti temporis spacium quantos pro vendicione dicti census dinoscitur recepiscec, si infra annum et diem eviceretur, quod wulgo dicitur bescodde, idem Iohannes super omnia bona sua domine Sybe promisit. Et pro hoc faciendum constituit etd fideiussores Franconem et Paulum, suos fratres. Insuper idem venditor coram nobis asseruit et verificavit quod dicta domus non solvit plus ad censum fundi quam quindecim solidos Leodiensis.
Actum feria secunda ante Nativitatem beati Iohannis Baptiste, anno Domini Mo CCo nonagesimo primoe.
a versierde en vergrote initiaal A.
b aldus A, lees warandiam.
c aldus A, lees recepisse.
d aldus abusievelijk A.
e hierna sluitingsteken A.
Nederlandse vertaling
Jan Suevus, Reinier van Rullingen, Bruno (supra Domum) en Levalus de Lata Platea (van de Bredestraat), schepenen van Maastricht, maken bekend dat ten overstaan van hen Jan Zegman, zijn echtgenote en hun kinderen erfrechtelijk afstand hebben gedaan van een jaarlijkse erfcijns van twintig schelling Luiks ten behoeve van het altaar van de heilige apostel Bartholomeus, in het midden van de Onze-Lieve-Vrouwekerk te Maastricht, uit hun woonhuis met alle aanhorigheden, (en) het huis en de poort achter dat huis, gelegen naast het huis van Olbert, zoon van Olbert, leerlooier. De ene helft van de cijns moet betaald worden op 24 juni, de andere op Kerstmis, zonder verder enige last te ontvangen of te betalen. Zij hebben zoveel gedaan dat ten tijde van de afstand aan alle eisen is voldaan aan het altaar en beloofd vrijwaring te verstrekken en elke rechtmatige klacht binnen jaar en dag af te doen; en indien de cijns binnen jaar en dag zal worden uitgewonnen, wat in de volkstaal bescodden wordt genoemd, dan zal Jan over al zijn goederen zoveel penningen moeten afstaan aan vrouwe Siba over een evenlange tijdspanne als hij voor de verkoop van de cijns heeft ontvangen. En om dit te bewerkstelligen heeft hij Frank en Paul, zijn broers, als borgen aangesteld. Bovendien heeft de verkoper ten overstaan van de schepenen verzekerd en gecontroleerd dat het genoemde huis niet meer betaalt voor de grondcijns dan vijftien schelling Luiks.
Gedaan op 18 juni 1291.
Nadere toelichting
Lees meerSchepenen van Maastricht oorkonden dat Jan Zegman, zijn vrouw en hun kinderen afstand hebben gedaan van een jaarlijkse cijns van twintig schelling Luiks, gevestigd op hun woonhuis (te Maastricht), ten behoeve van het altaar van de heilige Bartholomeus in de Onze-Lieve-Vrouwekerk te Maastricht.
Origineel
A. Maastricht, HCL, toegangsnr. 14.B001, archief Kapittel van Onze Lieve Vrouw te Maastricht, 1096-1796, inv. nr. 1764.
Aantekeningen op de achterzijde: 1o door 15e-eeuwse hand: De altari domine Sibe in ecclesia Beate Maioris Traiectensis. – 2o door 15e-eeuwse hand: Dit es van den andren XX schelling van den elter, en daaronder een kruis.
Bezegeling: twee uithangend bevestigde zegels, die niet aangekondigd zijn, namelijk: S3 eerste zegel van Bruno supra Domum, schepen van Maastricht, van bruine was, beschadigd. – S4 tweede zegel van Levalus de Lata Platea, schepen van Maastricht, van bruine was, beschadigd; en twee bevestigingsplaatsen, vermoedelijk voor de niet aangekondigde zegels van Jan Suevus en Reinier van Rullingen, schepenen van Maastricht (LS1 en LS2). Voor een beschrijving en afbeelding van S3 en S4, zie respectievelijk Venner, ‘Maastrichtse schepenzegels’, 174-175, afb. 40, en 176-177, afb. 43.
Afschrift
Niet voorhanden.
Uitgave
a. Nève, De dertiende-eeuwse schepenoorkonden, 88-89 (met onvolledige vertaling), nr. 1291.06.18, naar A.
Regesten
Franquinet, Beredeneerde inventaris O.L.V. te Maastricht I, 70, nr. 35. – Doppler, ‘Schepenbrieven kapittel van O.L. Vrouw’, 168, nr. 10. – Haas, Chronologische lijst, 91-92, nr. 246. – Idem, Inventaris Onze-Lieve-Vrouw, 290, nr. 1764 (gedateerd 1291).
Ontstaan
Onderhavige oorkonde is geschreven door een scriptor die schepenoorkonden van Maastricht mundeert en kan worden gelokaliseerd in het milieu van de schepenbank van Maastricht, zie hiervoor Collectie Onze-Lieve-Vrouwekapittel, nr. 34.
Tekstuitgave
Het onderscheid tussen c en t is niet altijd goed zichtbaar.
partners
donateurs












