Korte samenvatting
Steven, graaf en richter, Philips en Pasca, graven, gezworenen en overige burgers van Esztergom maken aan schout, (burge)meesters, gezworenen en overige burgers en burgeressen van Maastricht alsmede aan vrouwe Ida, dochter van Frank (Proost), burger van Maastricht, zuster van Reinier (Rufus), burger van Esztergom, geboren in Maastricht, bekend dat Reinier op zijn sterfbed al zijn goederen, met name die in Maastricht, aan zijn dochters Margareta, echtgenote van Michael, burger van Esztergom, en de onmondige, ongehuwde Mathilde heeft gelegateerd en dat Margareta en Mathilde het beheer over deze goederen hebben toegekend aan Michael.
Latijnse tekst van de oorkonde
Viris providis et honestis amicis suis, villico, .. magistris et iuratis ac ceteris civibus ac civitatensibus de Tericht necnon domine Ydee, filie Franke, vestri concivis, sorori Rennerii, comes Stephanus, iudex, Philipus et Pasca, comites, Gerlecus, Walterus, Frankinus, Gyletus, mercator, Gyhan, filius Mauricii, Petrus, filius Gyekinni, Ladizlaus parvus, Nicholaus, filius Rubini, et Dominicus, filiusa Cheen, iurati, ceterique cives de Strigonio paratam amicitiam cum debita reverentia et honore.
Noverit honestas vestre communitatis pro vero et certo quod cum prefatus Reinerb, filius quondam Franke predicti, noster concivis, de vestra civitate oriendus, esset in lecto egritudinis, tamen compos sue mentis, convocatis omnibus nobis qui potuimus interesse et comite Balduino, filio Perechtoldi et domine Clare, cognato suo, coram nobis universis et eodem comite Balduino universas possessiones suas, ubicumque locorum existentes et specialiter in illis partibus, videlicet in eadem civitate vestra de Terecht iacentes, legavitc et reliquit duabus filiabus suis, scilicet domine Magirith, uxori Michaelis, nostri concivis, et domine Matelth, filie sue adhuc innupte, perpetuo possidendas et habendas. Quas dictas Magirith et Matelth fide Deo debita scimus, dicimus et fatemur filias eiusdem Rennerii et ab ipso fore procreatas. Prefate vero domine Magirith, uxor ipsius Michaelis, et Mahtelt, filie eiusdem Rennerii, coram nobis personaliter constitute procurationem et regimen earundem possessionum in ibidem existentium statuerunt et assignaverunt ad manus Michaelis, nostri concivis supradicti, et quidquid idem Michael, noster concivis, de eisdem possessionibus tam in vendendo quam aliud seu secus faciendo et alienando egerit et fecerit, eedem domine Magirith et Mahtilt una nobiscum ratum habebunt atque firmum, super quo petimus vestram amicitiam ex affectu quatenus super predictis possessionibus eidem Michaeli, nostro concivi, plene iusticie dignemini facere complementum et nos econverso in consimilibus et in maioribus vobis et vestris concivibus talionem et in omnibus vestram faciemus voluntatem ad vestrum beneplacitum et mandatum.
Datum anno Domini Mo CoCoCo, secundo ydus may.
a hierna filius doorgestreept B.
b aldus B, lees vermoedelijk Rennerius.
c verbeterd uit delegavit door schrijfhand B.
Nederlandse vertaling
Steven, graaf, richter, Philips en Pasca, graven, Gerlach, Wolter, Frank, Gyletus, koopman, Gyhan, zoon van Maurits, Petrus, zoon van Gyekin, Ladislas de kleine, Nicolaas, zoon van Ruben, en Dominicus, zoon van Cheen, gezworenen, en overige burgers van Esztergom maken bekend aan schout, (burge)meesters, gezworenen en overige burgers en burgeressen van Maastricht evenals aan vrouwe Ida, dochter van Frank, burger van Maastricht, zuster van Reinier, dat Reinier, burger van Esztergom, geboren in Maastricht, toen hij op zijn ziekbed lag maar nog bij volle bewustzijn, ten overstaan van hen allen en van Boudewijn, graaf (van Szepes), zoon van Perechtold en vrouwe Clara, al zijn bezittingen, op welke plaatsen die zich ook maar bevonden en speciaal die te Maastricht, heeft nagelaten aan zijn twee dochters, namelijk aan Margareta, echtgenote van Michael, burger van Esztergom, en aan Mathilde, zijn nog ongehuwde dochter, om die eeuwig te bezitten. Tevens verklaren zij dat Margareta en Mathilde dochters van Reinier zijn en door hemzelf waren verwekt. Margareta en Mathilde hebben ten overstaan van hen het beheer en het bestuur van die goederen toegewezen aan Michael en alles wat Michael zal hebben verricht en gedaan ten aanzien van die bezittingen, zowel bij de verkoop ervan als het doen van iets anders en de vervreemding, zullen Margareta en Mathilde voor geldig houden en van kracht. Hierover vragen richter, graven, gezworenen en overige burgers van Esztergom aan schout, (burge)meesters, gezworenen en overige burgers en burgeressen van Maastricht hun vriendschap met de bedoeling dat zij het waardig keuren om de gerechtelijke uitspraak volledig te vervullen aan Michael ten aanzien van die bezittingen en omgekeerd zullen zij aan hen en hun medeburgers bij vergelijkbare en grotere zaken in alles hun wil en wedervergelding doen, naar hun verlangen en opdracht.
Gegeven op 14 mei 1300.
Nadere toelichting
Lees meerSteven, graaf en richter, Philips en Pasca, graven, gezworenen en overige burgers van Esztergom maken aan schout, (burge)meesters, gezworenen en overige burgers en burgeressen van Maastricht alsmede aan vrouwe Ida, dochter van Frank (Proost), burger van Maastricht, zuster van Reinier (Rufus), burger van Esztergom, geboren in Maastricht, bekend dat Reinier op zijn sterfbed al zijn goederen, met name die in Maastricht, aan zijn dochters Margareta, echtgenote van Michael, burger van Esztergom, en de onmondige, ongehuwde Mathilde heeft gelegateerd en dat Margareta en Mathilde het beheer over deze goederen hebben toegekend aan Michael.
Origineel
[A]. niet voorhanden.
Afschrift
B. 1300 juli 11, Maastricht, HCL, toegangsnr. 14.B001, archief Kapittel van Onze Lieve Vrouw te Maastricht, 1096-1796, inv. nr. 1643c, vidimus door Oger van Borgharen, voogd van Maastricht, Godfried van Lichtenberg, schout van Maastricht, Hendrik van Lichtenberg, ridder, en schepenen van Maastricht, tweede oorkonde, naar [A].
Uitgave
a. Nève, De dertiende-eeuwse schepenoorkonden, 158-159, nr. 1300.05.14 (zonder vertaling), naar B.
Regest
Niet voorhanden.
Ontstaan en samenhang
Onderhavige oorkonde is de vooroorkonde van nr. 59.
Voor het onderzoek door magister Thomas, proost, en het kapittel van Esztergom naar de toekenning van de volmacht over het beheer en bestuur van de gelegateerde goederen te Maastricht aan Michael, echtgenoot van Mathilde, die een horige is van het kapittel van Esztergom, zie hierna Collectie Onze-Lieve-Vrouw nr. 59.
Lokalisering
Franquinet en Nève transcriberen Strigovium en identificeren de gezworenen en burgers alsmede hun burger Reinier als afkomstig uit Striegau, thans gelegen in het Poolse Neder-Silezië (het huidige Strzegom). Op basis van de oorkonde van het ‘capitulum Strigoniensis’ d.d. 1300 juni 1, zie hierna Collectie Onze-Lieve-Vrouwekapittel, nr. 59, lijkt het hier eerder te gaan om het Hongaarse Esztergom (Gran in het Duits). Voor de identificatie van Strigonium als Esztergom in Hongarije, zie Marsina, Codex diplomaticus II, 567. Voor beide plaatsnamen, zie ook Graesse, Orbis Latinus, 187. Een bijkomende aanwijzing voor de Hongaarse herkomst en mogelijk ook de redactionele herkomst van deze oorkonde vormt het woord ‘iobagio’ in onderhavige oorkonde. Het huidige Hongaars kent nog steeds het woord ‘jobbȧgy’, dat horige betekent.
Tekstuitgave
Het onderscheid tussen c en t is niet altijd goed zichtbaar.
partners
donateurs










